99. Normandië en Bretagne (FR) 2310km.

De Route

Woensdag 1 juli (210km):
Dit keer een uitstapje, die eigenlijk best wel een reis kan genoemd worden.
Eerst naar Normandië en daarna Bretagne, die wat verder ligt in Frankrijk.

Normandië is een populaire toeristische regio in het noordwesten van Frankrijk.
De regio staat vooral bekend om haar indrukwekkende kustlijn en de diepe (oorlog) historische betekenis.


Dit is Bella haar plaatsje tijdens het rijden, naast het baasje, altijd op dezelfde plaats.



Het is ruim 600 kilometer rijden naar Bretagne vanuit Brugge, de bedoeling was om geleidelijk aan te rijden met talrijke stops, op 't gemak zoals het hoort als je op pensioen bent.
Ik had gekozen om niet via de tolwegen de rijden maar via de "route Nationale" (N-wegen), veel leuker, onderweg kun je genieten van de natuur en de typische dorpjes.


Ik was moe, na 200 kilometer rijden hield ik het voor bekeken en vond een overnachtingsplek in het dorpje Sailly-Flibeaucourt vlak aan het gemeentehuis.
Het veld was niet volledig vrij want ze waren een kermis aan het opzetten maar er was nog genoeg plaats voor Fluffy.
Andere campers stonden er niet.



's Avonds was ik getuige van een stukje Belgische voetbalgeschiedenis.
In de wereldbeker voetbal die werd gespeeld in de Verenigde Staten speelde België de 1/16e finale tegen Senegal.
Tot de 83e minuut speelde België een draak van een wedstrijd en stonden ze 0-2 achter.
Totaal onverwacht scoorden ze nog 2 keer in de laatste minuten om dan in de verlengingen nog te winnen met 3-2. Ongelofelijk!




 
Donderdag 2 juli (231km):
Ik had niet zo goed geslapen, de adrenaline van het slot van de voetbalwedstrijd de dag voordien was nog blijven doorwerken, ik kon heel moeilijk de slaap vatten.


Ik had een flinke rit voor de boeg naar Honfleur, "de poort" van (naar) Normandië.


Onderweg reed ik eerst de "Pont de Brotonne" over om daarna richting de beroemde "Pont de Normandie" te rijden vlakbij Honfleur.
In feite moest ik deze enorme brug niet over om naar Honfleur te rijden maar ik wilde er gewoon eens met Fluffy overrijden.
Daarna moest ik ook terugkeren, ik heb er dus 2 keer overgereden en dus ook 2 keer tol moeten betalen (2 x €7,10).

Ik heb een foto van internet gedownload om te zien hoe de brug er van ver uitziet, best wel indrukwekkend vind ik.


De "Pont de Normandie" is een "tuibrug" van 2143 meter lang, op de plek waar de Seine in het Kanaal uitmondt.
Er werd 7 jaar gebouwd aan deze brug, die klaar was in 1995.
De overspanning tussen de 2 pilaren is maar liefst 856 meter.



Ik heb een tolbadge voor Frankrijk, dus ik kan gewoon door de tolpoortjes rijden.
Tenzij er een pipo voor je staat die het verkeerde tolpoortje is ingereden, gevolg ... iedereen achteruit ...



Honfleur is een super toeristische stad aan de monding van de Seine.
De stad heeft een rijke geschiedenis en staat vol met prachtige historische gebouwen.
Ik was er al een keertje geweest in het verleden, een heel mooie stad!

Net zoals gewoonlijk bij een bezoek aan een stad parkeer ik Fluffy enkele kilometers buiten de stad en reed met de fiets naar het centrum.












Ik heb overnacht onder een brug ... in Fluffy ...





Vrijdag 3 juli (139km):
In de voormiddag was het tijd voor de was en plas, een nette camper is veel leuker om te rijden.
Ik had onlangs een "douchesysteem" gekocht op AliExpress en dat moest uitgetest worden.
Een waterpomp wordt in een emmertje met water gedropt en uit de douchekop komt er een heerlijke straal water net genoeg om mijn haar te wassen.



Na het ledigen van het chemisch toilet op een camperplaats in de buurt reed ik verder Normandië in.


Bij het op reis gaan met de camper horen er ook praktische zaken.
Zoals ik hierboven al schreef moet het chemisch toilet regelmatig geleegd worden.
Daar ik nooit op een betalende overnachtingsplek sta kijk ik onderweg uit waar dat kan.
Soms ga ik te voet met mijn wc cassette door de slagboom van een camperplaats of camping en maak daar dan de wc leeg op de loosplaats of op een werftoilet langs de straat.
Water vind ik meestal aan een kerkhof daar is er bijna altijd een kraantje, dan loop ik over- en weer met waterbidons.
Ook is het soms zoeken om ergens mijn vuilnis te kunnen deponeren, op veel parkings staan er geen vuilnisbakken meer.


Ja, ook tuinieren doe ik onderweg ... ik heb wat plantjes gekocht voor de bloempotjes in de camper op te vullen.
Voor in het vaasje achteraan worden er altijd bloemetjes geplukt uit de berm.


Rond 15h kwam ik aan in de kustplaats Vierville-sur-Mer, Omaha Beach.
Omaha Beach (Bloody Omaha) is vooral bekend van de oorlog.
Op 6 juni 1944 leden de geallieerde troepen gigantische verliezen op deze stranden.
Tegenwoordig is het een serene kustplaats gecombineerd met enkele monumenten.

Ik heb een korte wandeling gemaakt in de duinen en daarna teruggekeerd via het strand.







Het was de bedoeling om daarna het vlakbijgelegen "Normandy American Cemetery" te bezoeken maar dat was al dicht. 
Ik besloot om nog een klein stukje kustlijn af te rijden naar het memorial in Saint-Laurent-sur-Mer.




Het was al rond 18h ondertussen, hoogtijd om (samen met Bella ...) een slaapplaats te zoeken in de buurt.






Zaterdag 4 juli (126km):
In de voormiddag ben ik teruggereden naar Colleville-sur-Mer, de dag voordien was het "Normandy American Cemetery" al gesloten toen ik daar aankwam.




Het "Normandy American Cemetery and Memorial" is een Amerikaanse militaire begraafplaats die boven op een klif ligt.
Er zijn maar liefst (bijna) 10.000! gesneuvelde Amerikaanse soldaten begraven.
Allemaal hebben ze hetzelfde witte marmeren kruis (of Davidster).
Ik was er al eerder maar ik kon me er niet veel meer van herinneren behalve dat het indrukwekkend was.
Het was druk op het kerkhof en toch was het er stil ... respect voor de duizenden Amerikaanse soldaten die hun leven hebben gegeven voor onze vrijheid.





Na de lunch ben ik een 10-tal kilometers verder gereden naar Pointe du Hoc.
Deze klif heeft een cruciale (bloedige) rol gespeeld tijdens D-Day op 6 juni 1944.
Ik herinner me nog goed de film de Longest Day uit 1962, die ik zeker 10 keer heb gezien waar de Amerikaanse Rangers er alles aan deden om vanuit het strand de klif in te nemen met heel veel slachtoffers als gevolg maar het is hen uiteindelijk gelukt.







Daarna ben ik een stuk doorgereden verder richting Bretagne.
In het dorpje Plumb vond ik een rustig plekje, tot een lawaaierige Duitser met zijn gezin zijn caravan daar neerplaatste wat eigenlijk niet mag.
Het zorgde er wel voor dat Bella de camper niet meer uit durfde.





Zondag 5 juli (40km)
Het was bewolkt 's morgens, ideaal om te gaan lopen in de omgeving van de overnachtingsplek in Plomb.
Ik heb 7,3 kilometer gelopen in 45 minuten, dat is een rustig, gezapig tempo


Daarna heb ik het rustig aan gedaan, camper wat schoongemaakt, een kort middagdutje.
Rond 15h heb ik een 30- tal kilometer verder gereden naar de westkust van Normandië.
Vanuit de kustplaats Granville heb ik de kustweg D911, ook wel "Route de la Baie" genoemd gereden in zuidelijke richting.


In Saint-Pair-sur-mer had ik geluk, er was een parkeerplaatse vrij vlakbij het strand.
Op grote parkings mag je met een camper niet parkeren, er telkens een hoogtebeperking aangebracht, je kunt de parking niet oprijden.



Ik heb een heerlijke wandeling gemaakt langs het strand en een uurtje op 't gemak genoten van de zon.
Nog meer dan thuis krijgt Bella veel aandacht, Fransen stappen spontaan naar je toe en stellen vragen.


Wat verder langs de kustweg D911 vond ik wat afgelegen een heel leuk overnachtingsplekje.
Voor eerst liet mijn mifi apparaatje mij in de steek en had ik zo goed als geen internetverbinding.



Maandag 6 juli (60km):
Vanuit de overnachtingsplek had ik een korte wandeling gepland naar de Vauban hut.
De omgeving is zo mooi dat ik een goed uur doorgewandeld heb langs de kust.
Bella had er enorm veel zin in, ze heeft 3/4e van de wandeling aan de leiband meegelopen bij een temperatuur van om- en bij de 35°C, zalige kat is dat toch!
Toen ze in de camper kwam moest ze toch eerst even hijgend bekomen op haar koeltemat onder het bed.




"On the road again" ... verder langs de "Route de la Baie" D911 richting Mont St-Michel, het uiterste puntje van Normandië.
Onderweg een incident dat je zelden ziet, een paard die door z'n poten was gezakt, onverantwoord om met een paard te gaan rijden op straat bij zo'n hoge temperaturen vind ik.
Gelukkig kwam het paard terug recht na een aantal pogingen.


Wie kent er de wereldberoemde Mont Saint-Michel niet?
Het rotsachtig getijdeneiland op het uiterste puntje van Normandië met op de top de reusachtige abdij.
Het was voor mij de 4e keer dat ik UNESCO beschermd monument heb bezocht.


De Mont Saint-Michel wordt jaarlijks door miljoenen toeristen bezocht, het is daar telkens super druk in de smalle straatjes.
Ik had er voor gekozen om vanwege de hitte en de drukte het eiland in de avond te bezoeken en de camper een paar kilometer verder te plaatsen en met de fiets naar "de mont" te rijden.
Ik las op internet dat de parking aan de Mont Saint-Michel tot €30 kan kosten voor een camper.






Het was al laat toen we terug bij de camper waren.
Overnachten in de buurt van de Mont Saint-Michel is niet toegelaten dus ik moest nog op zoek naar een overnachtingsplek.
Die vond ik een 25-tal kilometer verder in het dorpje Sains aan een meertje.




Om 2h 's nachts heb ik de beladen voetbalwedstrijd Verenigde Staten - België gevolgd.
De Rode Duivels wonnen uiteindelijk met 1-4 en mochten door naar de kwart finales van de wereldbeker voetbal!


Dinsdag 7 juli (0km):
Ik besloot om een dagje "niets" te doen, het overnachtingsplekje vond Bella leuk om rond te snuffelen en er was voldoende schaduw.

Vreemde figuren kom ik tegen ... naast Fluffy stond er een auto geparkeerd met een dame die maar liefst 5h !!! in dezelfde houding aan het tokkelen was op haar smartphone met latex handschoenen.
Regelmatig deed ze deze uit om nieuwe aan te doen, op de vloer van haar wagen lag het vol met latex handschoenen.


Ik heb 's avonds buiten heerlijk nogmaals de oorlogsfilm "The longest day" bekeken.



Woensdag 8 juli (86km):
Mijn reis was na 1 week aanbeland in Bretagne.
"Klein Brittannië" wordt Bretagne ook genoemd.
Bretagne heeft nooit bij het Verenigd Koninkrijk behoord maar de naam komt wel van de Britten.
In de 3e- en 9e eeuw staken de Keltische stammen de plas over om te vluchten van de Angelsaksische indringers in Wales en Cornwall, vandaar de naamgeving.

Via de prachtige kustweg D155 reed ik verder Bretagne in, deze kuststrook wordt ook de Smaragdkust genoemd.


Een stop in het visserstadje Cancale, ook nu parkeerde ik Fluffy (gratis) enkele kilometers verder en reed met de fiets naar het centrum.
Super makkelijk toch met de fiets, je wint er ongelofelijk veel tijd mee, je ziet veel meer en vooral het is ook leuk voor Bella.

Cancale wordt de parel van de Smaragdkust genoemd, het is het vissersstadje van de oesterkwekerijen.
Heel veel visrestaurants en marktstandjes met oesters.
De Oesters worden daar op straat gegeten.
Ik heb nog nooit een oester gegeten, het lijkt me een vies schaaldier.
Ooit ga ik toch eens moeten proeven ...








Na boodschappen in de Lidl ben ik doorgereden naar Saint-Malo, dit is een toeristische havenstad.
Best wel een leuke kuststad om door te fietsen/wandelen.









Op roadtrips moet er iedere avond een slaapplaats gezocht worden en soms zitten er pareltjes tussen zoals deze plek in de omgeving van het dorpje Le Tronchet.
Super rustig op de parking van een bos met zicht op de velden, zalig voor Bella en mijzelf!




Donderdag 9 juli (48km):
Ik had een rustige nacht achter de rug, Bella had mij niet wakker gemaakt, dit wil zeggen dat ze ook moe was.
Alleen toen ik uit de wc kwam zat ze op het keukenblok en gaf mij een lief kopje en ging terug op de zetel gaan liggen, onvoorwaardelijke liefde !!!

In de ochtend ben ik gaan lopen in het aanpalende bos, 7 kilometer.
Onderweg struikelde ik over een boomwortel en viel in de gracht, gelukkig zonder kwetsuur, oef dat was even schrikken.
Terug aan de camper was het even bekomen, ik had de warmte wat onderschat.




Er was opnieuw een stadsbezoek gepland, dit keer aan de historische stad Dinan.
Een prachtig bewaard gebleven middeleeuws stadje vol vakwerkhuizen en geplaveide straatjes met leuke winkeltjes.




Het was ondertussen laat in de namiddag, dus was het opnieuw tijd om een slaapplekje te zoeken.
Net buiten het dorp van Saint-Potan vond ik een schitterend mooi plekje, geen mens te zien, Fluffy, Bella en ik alleen, wat is het camperleven toch mooi!!!




Vrijdag 10 juli (69km):
Om 's morgens vroeg niet in de hete zon te moeten staan had ik laat in de avond de camper verplaatst.
Tijdens het verplaatsen bleef mijn fiets haperen aan een tak en opeens ging het alarm van mijn elektronische fietsbel af en die bleef maar doorloeien.
Toen ik in het donker de fiets van het fietsrek haalde merkte ik op dat het fietsbel afgebroken was en toch hoorde ik nog steeds heel luid het alarm loeien.
Na lang zoeken merkte ik op dat het alarm op het dak van de camper gevallen was ...
Ik heb halsbrekende toeren moeten uithalen om de elektronische fietsbel van het dak te krijgen.
Gelukkig stond ik alleen op de overnachtingsplek, stel je voor ....

In de ochtend reed ik terug naar de Bretoense kust voor een nieuw stukje natuurschoon.
Eerst een stop aan aan "point de la Pie", daar staat op een klif het 14-eeuws verdedigingsfort "Fort la Latte".
Ik heb gewandeld tot aan het fort maar ik heb het fort niet bezichtigd, bijna €10 om een kasteel binnen te gaan vind ik echt te veel.


Op naar Cap Fréhel, wat is het daar prachtig!
Eerst een wat oubollige aparte vuurtoren maar daarachter, waauw!
Gigantische kliffen die rijzen tot meer dan 70 meter boven uit de blauw-groene zee, een kippenvel moment voor mij! Indrukwekkend!








Ik had bij Fort la Latte en Cap Fréhel Bella in de camper gelaten omdat ik het gevoel had dat ze niet zo actief was, maar bij de volgende stop aan Cap Erquy nam ik haar terug mee.



Eerst een stuk met de fiets en daarna moest er een stuk gewandeld worden.
Ik had de rugzak om Bella te dragen niet mee, ik nam haar eerst in mijn armen mee maar ze wilde absoluut wandelen, wat een fantastische kat toch!





Overnacht in Les Ponts Neufs.
's Avonds heb ik naar de wereldbekerwedstrijd België - Spanje gekeken.
Helaas einde verhaal voor de Rode Duivels, ze verloren met 1-2.




Zaterdag 11 juli (126km).
Op de Vlaamse feestdag was er eerst een stevige rit in noordelijke richting naar de Cote d' amour, de kust van de liefde ...
Onderweg een stop in het dorp Plougrescant aan de Chapelle Saint-Gonéry, een kapel uit de 12e eeuw.
Daar buigt de toren dramatisch af, te danken aan een zwakke fundering lees ik.
Heel grappig om te zien!




Het hoogtepunt van de dag was 30 kilometer verder in het badstadje Ploumanac'h.
Daar ging ik een stuk van de "Douanierswandeling" R34 Sentier Douanier langs de kuststrook wandelen. 
Ik had Fluffy (gratis) geparkeerd aan de haven en vandaar met de fiets naar het startpunt van de wandeling gefietst.


De wandeling start op Plage de Saint-Guirec, wat een plaatje is dat strand!
In de achtergrond van de foto hier boven zie je het eiland Costaéres met daarop het Chateau de Costaéres.



Langs de kuststrook zag ik meteen de grote rood/bruine granietblokken en alle vormen.
De rotsblokken heeft de natuur gevormd door gestolde magma en 300 miljoen jaren erosie.
Prachtig om te zien!




Ik reed een 15- tal kilometer terug het binnenland in om een overnachtingsplek te vinden.
Helemaal afgelegen langs een bos op de parking van een compostering verwerkend bedrijf.




Zondag 12 juli (184 km).


Een wat langere rit stond er op de planning, van het noordelijke deel van Bretagne naar het westelijke deel, de Atlantische Oceaan.
Ongeveer 120 kilometer maar wel een uurtje of 3 rijden langs de gewone wegen
Ik rij heel graag, het is telkens genieten met mijn campertje, op 't gemak "rondtuffen" en veel rondkijken.
Onderweg liep de temperatuur op tot 36°C, je merkt meteen dat je niet meer aan de kust bent.



"Pointe Pen Hir" op het uiterste westelijk gedeelte van het schiereiland Crozon vlakbij Cameret-sur-mer was het eerste doel.
Het was er druk maar er was voldoende parkeerplaats, dit keer ook voor campers.
Ik besloot om Bella tussen de ventilators in de camper te laten en een uurtje te gaan wandelen.





Wat is het daar ongelofelijk mooi, de monumentale rotspunten die kaarsrecht uit de Atlantische Oceaan steken.
Vanaf de paden diep beneden het turquoise water en de verborgen baaitjes.
Bretagne is wat ik er van verwacht had, die ruige ongerepte natuur, echt super mooi!




Het was ondertussen al laat in de namiddag, ik wilde nog 1 stop maken een 20- tal kilometer verder op "Pointe Dinan".
Eerst een vlak stuk wandelen tussen de prachtige kustbloemen en heide en daarna klimmen op de klif naar, letterlijk en figuurlijk het hoogtepunt! Wauw!







Ik moest nog een 30- tal kilometer verder rijden om een rustig, geschikt overnachtingsplekje te vinden Die vond ik in het dorpje Plomodiern.
Een apart plekje aan de nogal "creepy" uitziende "Chapelle San-Corentin".



Rond 22h heb ik nog een wandeling gedaan met Bella naar/in de "creepy" kapel ....






Maandag 13 juni (128km)
Het had onverwacht geregend 's nachts, in de ochtend was het heerlijk "koel" opstaan.
Voor kort evenwel, de zon brak al heel snel door de wolken en de temperatuur liep opnieuw op tot rond de 30°C.


Het was moeilijk om water te vinden voor het camperreservoir, ik had al een paar keer aan een kerkhof gestopt maar er waren telkens geen kraantjes te zien.
In een klein dorpje heb ik dan maar heen en weer gelopen om water te tanken aan het kraantje van een openbaar toilet.
Ook was het tijd om het toilet van de camper leeg te maken.
Bij warm weer maak ik het toilet meer leeg omdat het dan mogelijk kan gaan ruiken als ik te lang wacht om te ledigen.

Eerste stop was het authentiek Bretoens dorpje Locronan, zo ik lees een aantal keren uitgeroepen tot het mooiste dorp van Frankrijk.
Echt heel mooi om er door te wandelen, auto's rijden er niet.
Ik had Bella niet mee, de gelegenheid om wat leuke ambachtswinkeltjes in- en uit te lopen. 




Na dit bezoek was het anderhalf uur rijden naar "Point du Raz", dit zou opnieuw 1 van de hoogtepunten moeten worden op mijn Bretagne reis.
Een enorme parking (€8), het was heel druk en ook commercieel.
Vooraleer de wandeling aan te vatten naar het uitkijkpunt moet je eerst voorbij een 10- tal souvenirwinkels, zeg maar brolwinkels.




Na goed een half uur wandelen kwam ik aan het uitkijkpunt die wat tegenviel.
Mooie rotsformaties ja en in de verte een eilandje met een vuurtoren, maar voor de rest geen wauw gevoel.
Ik besloot om te proberen nog wat dichter te komen om een beter zicht te hebben op de vuurtoren en misschien kwam ik met wat geluk nog wat mooie uitkijkpunten tegen.
Ik heb ruim een uur geklauterd en liters gezweet en ook af en toe gebibberd omdat het padje zo dicht bij de afgrond liep.
Maar helaas, op een gegeven moment kon ik niet meer verder en moest ik terugkeren.



Toen ik terug aan de camper kwam was het al 18h en ik vond niet meteen een geschikte overnachtingsplek op de Park4night app.
Ik wil zoveel als mogelijk ergens staan waar Bella haar pootjes kan strekken en wat rondsnuffelen.
Het was al na 19h30 toen ik ruim 40 kilometer verder iets geschikt vond in de omgeving van de stad Quimper.






Dinsdag 14 juli (263km)
Op de "quatorze jullet", de Franse nationale feestdag waren de laatste bezienswaardigheden van mijn Bretagne reis gepland. 

Eerste stop in Carnac, daar staan maar liefst 3000 menhirs.
Ze vormen de grootste verzameling menhirs ter wereld.
Een paar jaar geleden was ik nog in het wereldberoemde Stonehenge in Engeland, ik vond het fantastisch om te zien. 
Mijn toenmalige reispartner zat liever in het cafetaria dan het wereldwonder Stonehenge te zien ... .



In Carnac zijn de menhirs niet zo spectaculair dan Stonehenge maar het blijft fascinerend om te zien.
3000 prehistorische rechtopstaande stenen zijn tussen 4500- en 2000 voor Christus opgericht.
De formaties in Carnac strekken zich uit over een lengte van meer dan 4 kilometer!
Ze staan opgesteld in kaarsrechte, evenwijdige rijen.

Het was bloedheet in zuid-Bretagne, 36°C, ik heb niet de volledige wandeling gedaan daarvoor was het iets te warm.




Ik vervolgde mijn roadtrip naar het schiereiland Quiberon.
Quiberon is een 14 kilometer lange landtong.
Op de Michelin kaart kaart staat de 14 kilometer aangegeven als een toeristische weg.
Ik vond het tegenvallen, de eerste 10 kilometer rijdt je gewoon tussendoor en je ziet de zee maar sporadisch.
Het was pas in het westen in de laatste kilometers dat het wat mooier was om te zien maar ik vond het niet spectaculair.



Ik heb overnacht in de buurt van Rennes, ik heb dus nog een flink stuk richting Normandië gereden.



 
Woensdag 15 juli (397km)
Het was een leuk plekje waar ik overnacht heb, heel mooi en rustig aan een bos met een paar kleine meertjes.

Even grote paniek, Bella was de camper uitgesprongen zonder haar lijn en tracker, ik liep haar achterna met de lange lijn.
Kroop ze dan toch wel een kleine riool in ... ik meteen de zaklamp gaan halen en snoepjes om haar te lokken, ik zag haar oogjes fonkelen in de verte maar ze maakte geen aanstalten om mijn richting uit te komen. 
Ik hield rekening met een drama, Bella loopt verloren in de riool, valt in een put, brandweer bellen, Bella dood ...
Na lang aandringen kwam ze mijn richting uit maar net voordat ze aan het einde kwam liep ze terug de riool in ... pffff.
Ik besloot om haar niet meer te lokken en ja hoor, 10 minuten later spong ze vrolijk de camper in, de sloeber ...

Nog wat onder de indruk van Bella haar verdwijntruc heb ik 7,5 kilometer gelopen in het aanpalen bos.
Heerlijk loopje!


In de namiddag was het dan tijd om een stuk terug huiswaarts te rijden.
Dit keer koos ik er voor om de tolwegen te gebruiken.
Bij Hongfleur (Normandië) moest ik nogmaals de "Pont de Normandie" over.




Als afsluiter van de mooie Normandië-Bretagne reis heb ik mezelf op een "restaurant etentje" getrakteerd in de Mc Donalds :-) :-)
Het laatste overnachtingsplekje voor mijn laatste nacht op Franse bodem was ook schitterend.
Zonder riolen Bella!


Donderdag 16 juli (...km)

Overnachtingsplaatsen